Als aanbiddingsleiders is het onze taak om mensen te helpen activeren in het aanbidden van God. Mensen moeten zelf een keus maken om Hem te aanbidden. Wat ik kan doen is ze meenemen in mijn enthousiasme of door iets te zeggen wat kan aanmoedigen in het maken van die keus. Maar vaak heb je maar 90 seconden de tijd om wat te zeggen.. Dat is niet veel.. De vraag is; “wat zeg je…”

Afgelopen zondag mocht ik weer aanbiddingsleider zijn in mijn eigen gemeente. Ik geniet er altijd intens van en zie er enorm naar uit. Samen met 1500 mensen God ontmoeten en Hem aanbidden. Maar elke keer is weer anders. Het is nooit iets wat je kunt afspelen. Afstemming in de voorbereiding met God en de heilige Geest is altijd zo cruciaal. Voor mezelf en met mijn team.

Meestal in de voorbereiding naar de dienst toe komen er gedachtes in mijn hoofd die verwijzen naar teksten uit de bijbel, een lied dat die ochtend gezongen wordt en gebeurtenissen met mijn gezin of op mijn werk. Vaak schrijf ik die dingen allemaal op en kijk ik wat bruikbaar is en wat de gemeente zou helpen in het maken van die keuze om God te gaan aanbidden. Hieronder een paar gedachtes die je misschien kunnen helpen in het maken van bepaalde keuzes als je zelf aanbidding leidt:

Jesaja 55:9-11
Net zoals de hemelen hoger zijn dan de aarde, zo zijn mijn wegen hoger dan die van u. Evenzo zijn mijn gedachten hoger dan de uwe. Zoals de regen en de sneeuw vanuit de hemel naar beneden komen en op de grond blijven liggen om de aarde water te geven, het koren te laten groeien, zaad voor de boer en eten voor de hongerigen te produceren, zo is mijn Woord ook. Ik stuur het uit en het levert altijd vrucht op. Het doet alles wat Ik wil en bereikt datgene, waarvoor Ik het wegstuur.

Ik ben er van overtuigd dat wij als aanbiddingsleiders het belangrijk moeten vinden om niet te veel te praten. Anders moeten we maar voorganger worden. Iemand zei ooit tegen mij: “predikers prediken, aanbiddingsleiders leiden aanbidding”. Het leiden van aanbidding is niet het maken van muziek of het zingen van liederen maar heeft alles te maken met hoe we mensen leiden in het moment dat we onze aanbidding uiten naar God toe. Dat “leiden” gebeurt onder andere als we iets zeggen tussen de liederen door en als we bidden.

“predikers prediken, aanbiddingsleiders leiden aanbidding”

Wat gemakkelijk gebeurt is dat je op de automatische piloot gaat. Dat je vaak dezelfde dingen zegt of mensen op dezelfde manier uitnodigt. Dat maakt dat mensen kunnen afhaken omdat ze merken dat je eigenlijk niet iets “echts” zegt.

Het mooie van de tekst uit Jesaja is dat alles wat we zeggen vanuit Gods Woord altijd vrucht zal dragen. Een aantal overwegingen zou ik je willen meegeven als je bezig bent je voor te bereiden op wat je tegen de gemeente wil zeggen:

  1. Plan wanneer je iets gaat zeggen. Of denk in de dagen voorafgaand aan de dienst na waar je eventueel wat wilt gaan zeggen zodat je ook de mogelijkheid hebt om wat te zeggen (voor kerken die werken met een draaiboek). De heilige Geest zal je in de voorbereiding helpen wat het beste moment is om iets te delen.
  2. Besteed aandacht aan wat je wilt zeggen. Net zoveel als andere dingen die je voorbereid.
  3. Weet dat als je een bijbeltekst gebruikt het altijd vrucht zal dragen. Datgene wat je zelf bedenkt en zegt zal misschien of vaak leeg terugkomen maar Gods Woord doet dat niet.
  4. Maak het persoonlijk. Lees een stuk voor uit de bijbel en probeer dit persoonlijk te maken. Mensen herinneren verhalen. Dat blijft hangen.
  5. Bestudeer de bijbeltekst waarop een lied is gebouwd. Gebruik dat en maak het persoonlijk. Vraag je af wat dit tekstgedeelte met jou doet. Hoe heeft het jou geleid van toen naar waar je nu bent.

Psalm 63

Zelf heb ik afgelopen zondag psalm 63 gebruikt. De vorige twee keer dat ik aanbidding heb geleid in mijn gemeente heb ik er voor gekozen even niet iets te delen omdat dit genoeg werd gedaan door andere aanbiddingsleiders. Je hoeft ook niet altijd wat te zeggen. Maar nu vond ik het wel goed om de mensen even bewust te maken van wat we aan het doen waren. Ik ging met God in gesprek en dacht na wat goed was om te doen. Mijn setlist voor de preek bestond uit drie liederen: Ik verlang naar Jezus (C), Offer van aanbidding (F), Good good Father (Ab). Het was een dienst waarin het orkest ook meespeelde.

Omdat het eerste lied eigenlijk gelijk wel diep gaat dacht ik dat het goed zou zijn iets te doen met het uitzingen van ons verlangen naar Jezus. In de week voorafgaand aan deze dienst gebeurde er iets vreselijks in de omgeving van Drachten. Een jonge meid van 15 jaar overleed heel plotseling. Een enorm heftig en schokkend bericht. Dit had een diepe impact op onder andere ook veel tieners en ouders van tieners uit onze gemeente. Ik kon hier niet om heen en wilde dit ook niet. Juist in een moment van aanbidding waarin we dicht bij God zijn mag ook ruimte zijn voor verdriet en rouw.

In de dienst gebruikte ik Psalm 63 vers 1 tot en met 6. Vers 1 en 2 gaat over het verlangen om God te ervaren, vers 3 en 4 over hoe hij God herinnerd en vers 5 en 6 laten David’s uiting van aanbidding zien. Ik vertelde de gemeente dat we nu een moment in gingen waarin we God willen aanbidden en dat het daarbij goed is om onszelf te herinneren aan wie God is. Ik deelde dat dit mij altijd enorm helpt als ik God wil aanbidden. Door de jaren heen heb ik veel geleerd over wie God is; vanuit mijn opvoeding, hoe de bijbel spreekt over God en ook door hoe we elkaar toezingen in de gemeente over wie God is. Dit helpt mij herinneren wie God is en maakt dat ik een keus wil maken om Hem te aanbidden.

Juist in het verdriet wat er nu speelt is dit ook heel waardevol. Ik zei dat er waarschijnlijk best wat mensen in de zaal zitten die veel verdriet hebben of in rouw zijn. Maar juist deze emoties en ook de vragen die er spelen mogen een plek hebben in onze aanbidding. En ondanks dat we niet op alles een antwoord hebben mogen we ook vasthouden aan dat God altijd dezelfde blijft en ons niet loslaat. Dat Hij deze ochtend juist wil geven waar we zo naar verlangen. Zoals de psalm het zegt dat Hij onze ziel wil verzadigen met zijn overvloed.

“zo is mijn Woord ook. Ik stuur het uit en het levert altijd vrucht op”

Het laatste wat ik zei was dat het begint met het uitzingen van ons verlangen naar God om Hem te ontmoeten, zoals de psalm begint. Dus laten we tegen God zeggen dat we in dit moment er naar verlangen om Hem te ontmoeten, onszelf herinneren wie Hij is en Hem aanbidden omdat Hij dwars door alles heen die eer toekomt. Ik geloof dat God wil uitdelen vanuit zijn overvloed.

We begonnen met zingen en het was prachtig om te zien dat mensen in hun verdriet de armen om elkaar heen sloegen, troost bij elkaar en bij God mochten vinden. Een bijzonder intense ochtend.

Slot

Ik hoop dat dit misschien als voorbeeld mag helpen. Gebruik de bijbel omdat de woorden van God altijd vrucht zullen dragen. Probeer het persoonlijk te maken zodat mensen zich kunnen spiegelen aan jou en probeer niet te lang te praten zodat je genoeg tijd overhoud om datgene te doen waarvoor je geroepen bent: aanbidden!